Piet van de Werken
Voor Piet van de Werken is schilderen een instinctief en onderzoekend proces. Zonder uitgebreide voorbereiding begint hij aan een werk; hooguit vormt een snelle schets het vertrekpunt. Het daadwerkelijke onderzoek vindt plaats op het doek zelf, waar lagen, kleur en oppervlak de essentie van het werk bepalen. Zijn schilderijen vertellen geen verhalend narratief, maar draaien om de fysieke en visuele ervaring van het schilderen.
Een terugkerend thema in zijn werk is afwezigheid. Figuren ontbreken volledig, maar in plaats van een sombere leegte ontstaat er juist een heldere, kleurrijke wereld waarin de kijker de enige aanwezige is. Deze spanning tussen aanwezigheid en afwezigheid, en het daarmee verbonden gevoel van eenzaamheid, speelt een centrale rol.
Van de Werken laat zich onder meer inspireren door beeldtaal uit strips en het werk van Lorenzo Mattotti. Dit vertaalt zich in het gebruik van felle kleuren, een zekere tweedimensionaliteit en een directe beeldtaal. Het vierkante formaat van zijn doeken onderstreept zijn werkwijze: zonder vaste oriëntatie draait hij het werk tijdens het schilderen regelmatig, zodat de compositie vanuit elke richting in balans is.






